Samenwerking is de kracht

Herman Govers: “Samenwerking is de kracht van c.v. Buulder Buk.”

Wekelijks heeft de jubilerende carnavalsvereniging Buulder Buk wel iets te melden. In het 66-jarig bestaan van de vereniging hebben velen zich voor de club ingezet.

Nu een gesprek met een van die drijvende krachten die al vele jaren actief is voor de Buulse carnaval; Herman Govers.

Al zeer lange tijd zet hij zich in voor De Buulder Buk. Nu nog actief als penningmeester, met zijn leeftijd de nestor van het bestuur.
Als je met hem in gesprek raakt over carnaval in Buul kan hij er uren over vertellen. Hij heeft carnaval door de jaren heen natuurlijk zien veranderen en ontwikkelen tot het feest wat we nu kennen.
Herman herinnert zich nog goed dat ze verkleed naar school moesten komen toen de eerste optocht spontaan ontstond in 1956. Op één van de foto’s uit 1959 die hij voor de gelegenheid heeft opgezocht staat hij samen met zijn broers Ad en Wil klaar voor carnaval. Toen hij woonde op de Grensweg werd met de optochten meegedaan met Ut Midbuul. Er werd jaren gebouwd bij Bert van Deurzen in de hoge schuur die er nu nog staat,
Later werd met De Malle Jannen, een naam die menig Bulander zich nog weet te herinneren, meegelopen in optochten.

Zijn betrokkenheid met de Buulder Buk begint in 1981.
Nog nooit als bezoeker naar de Zittingen geweest stond hij er dat jaar voor de eerste keer als presentator. Natuurlijk heel veel voorbereidt en opgeschreven maar er uiteindelijk weinig van gebruikt.
Voor Herman was het duidelijk dat de presentatie uit de losse pols hem het beste beviel. Het werd de aanzet voor een lange loopbaan bij de Buulder Buk. Gedurende de 14 jaren die er op volgden bleef Herman de presentator van de Buulse Zittingen. Daarnaast werden ook de receptie van de hoogheid en het prinsenbal door hem aan elkaar gepraat. Toen hij in 1996 voorzitter van de commissie Zittingen werd is hij toegetreden tot het Bestuur. De laatste 15 jaar vervult hij de vele taken van de penningmeester.

Herman is ook zo’n beetje de wandelende carnavalsencyclopedie van Budel. Vooral als hij vertelt over de Zittingen van de Buulder Buk weet hij zo een voerzicht met jaartallen te geven.
De Borgh heeft in al die jaren Buulse Zittingen ook een grote rol gespeeld. Voor zijn tijd als presentator waren de Zittingen in de Riva, de tent bij de Wielerbaan en voor de eerste keer in februari 1979 in de Borgh met de 25e Prins Jac I, Jac Hendriks.
Drie avonden in het kleine zaaltje, waar nu de Bibliotheek is, groeiden uit naar zes avonden en een seniorenmiddag in 1983.
In 1984 een uitstapje van twee jaar terug naar Riva omdat de toneelzaal van de Borgh toch wel klein was en in 1986 weer terug naar de Borgh.
In het jubileumjaar 1987, met de viering van 33 jaar Buulder Buk, een enorme vooruitgang als de Buulse Zittingen voor de eerste keer in de grote nieuwe zaal terecht kunnen. Nu in 2020, 33 jaar verder en opnieuw een carnavalsjubileum, weer vernieuwing en werden de Buulse Zittingen voor de eerste keer gehouden in de nieuwe cultuurzaal van inmiddels MultiFunctioneel Centrum De Borgh.

Vele mooie herinneringen en een van de mooiste anekdotes bewaart Herman aan de extra, galazittingen bij het 33-jarig jubileum. Voor de pauze eigen artiesten en na de pauze nimmer in Budel vertoond topamusement en topsport door de Husaren Schwarz-Weisz uit Siegburg. Een gezelschap bestaande uit zo’n 50 personen, een dansgroep en muziekkapel.
Strak in het gelid binnenkomend, linkerhand in de zij en de rechterarm recht omhoog met daarop de dames.
Voor het eerst werd een podium opgebouwd uit losse elementen en zo kon het gebeuren dat door het spektakel een element iets verzakte hetgeen hersteld moest worden. Wat platen losgemaakt en toen konden de bouwers/toneelmeesters tussen de schragen door om het verzakte element weer goed te krijgen. De show draaide weer volop toen opeens een plaat bewoog en een van de toneelmeesters, die men vergeten was en ingebouwd had, tevoorschijn kwam. Herman ziet het gezicht van de toneelmeester nog zo voor zich als hij er over verteld. Als het gezelschap een Duitse herder bij zich gehad had, was deze met de staart tussen de benen gevlucht. Herman vindt het nog altijd jammer dat daar geen foto van gemaakt is.

In de 40 actieve jaren dat Herman zich inzet is er veel veranderd. Bij alle activiteiten van zittingen tot en met de optochten heeft de techniek gezorgd voor vele nieuwe mogelijkheden.
Uit eigen ervaring kan hij beamen dat er ook bij de overheid (op provinciaal en gemeentelijk niveau) een zeer positieve omslag in denken heeft plaatsgehad.

Op provinciaal niveau heeft de Brabantse Carnavals Federatie veel invloed gehad. Hij geeft graag het advies aan collegaverenigingen die nog geen lid zijn van de Federatie om dat wel te worden.

Bij de gemeente moest hij met het bestuur alles uit de kast halen om wat extra subsidie voor de jeugd los te krijgen. Hij is nog steeds fel als hij denkt aan de opmerking van een der wethouders: “Ik zie bij de ingezonden stukken in de Grenskoerier al staan; Gemeente subsidieert zuippartijen!”
Gelukkig zijn in de loop der jaren die standpunten gekanteld en is men gaan waarderen wat een grote groep jeugd jaar in, jaar uit opnieuw weer presteert. Samen bouwen, samen overwinningen vieren maar ook samen nederlagen verwerken waardoor een sterke sociale band ontstaat en het Carnavalsweekend vaak het weekend is met de minste problemen. Als prachtig slotresultaat noemt Herman de twee gerealiseerde bouwhallen in Cranendonck waarvoor hij College en Raad nogmaals wil bedanken.

Maar zorgen zijn er ook.

Een daarvan is het eisenpakket van de diverse overheidsinstanties waaraan voldaan moet worden. Daarin ziet hij met zijn jarenlange ervaring grote vraagtekens. Hoelang kan Carnaval, maar ook bloemen- en fruitcorso’s nog op deze wijze doorgang vinden? Natuurlijk, veiligheid staat voorop maar alle risico’s uitsluiten zal nooit lukken. Hou het wel leefbaar en regel niet alles kapot is daarom zijn boodschap.

Na 40 jaar gaat hij afscheid nemen.
Dat wil zeggen: minder op de voorgrond treden.
Maar achter de schermen blijft hij graag actief. Indien nodig assisteren zoals bij realisatie van het Bokkenblaaike, ledenadministratie en wat verder gedaan kan worden.

Op de volgende ledenvergadering draagt hij zijn steek als bestuurslid over aan een jeugdiger persoon.

Tot slot wil hij nog kwijt: “Zusterverenigingen en Jeugd van Cranendonck; Bedankt voor de fijne samenwerking; ga zo door en maak er door samenwerking ieder jaar een prachtig feest van.”


Terug naar overzicht